Voorbereiden op WO3

door Michael O’Meara
Guillaume Faye, een Franse schrijver,  publiceerde vijf boeken. Elk daarvan heeft een enorme impact gehad op de strijd tegen multiculturalisme, Derde Wereldimmigratie en globalisering. In tegenstelling tot Benoist en andere Nieuw Rechtse theoretici, wiens verdediging van Europa vrijwel uitsluitend gevoerd wordt op het culturele vlak, en anders dan Le Pen’s Front National dat de voorkeur geeft aan de assimilatie van vreemdelingen en niet de gedwongen terugkeer, gelooft Faye dat etniciteit niet alleen aan de basis ligt van een culturele identiteit, maar ook dat een volk en zijn cultuur onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Daarom beargumenteert hij dat de strijd om het behoud van Europa’s culturele erfgoed niets anders is dan een strijd voor de verdediging van het genetische erfgoed en de etnische integriteit van Europa.
Zijn laatste werk – Avant-Guerre: Chronique d’un cataclysme annoncé (Vóór de oorlog: Verslag van een ophanden zijnd cataclysme) – doet denken aan Spengler’s Hour of Decision. Net als Spengler kijkt Faye naar de onweerswolken aan de horizon en voorspelt dat er binnen tien jaar een tijdperk van wereldveranderende stormen zal neerdalen op de Westerse volkeren, die zullen bepalen of wij nog een toekomst hebben of niet:

De Islam
Terwijl voor Amerika een interstatelijke oorlog met China in het vooruitschiet ligt, gelooft Faye dat Europa geconfronteerd zal worden met een innerlijke oorlog tegen een opstandige Islam – een oorlog, om het woord te herhalen, die meer op de aanslagen van 11 september zal lijken dan op een conventioneel militair conflict zoals de VS dat kunnen verwachten.

In de vier decennia sinds 1962, toen Afrika de zuidelijke grenzen van Europa doorbrak, is het continent overstroomd met herhaaldelijke vloedgolven immigranten uit de Derde Wereld. De kracht van deze immigratie, waar massa’s en niet individuen mee gemoeid zijn, is zo groot dat niet het kleinste aantal demografen beargumenteert dat het beter te omschrijven is met de term “kolonisatie”. Vanwege een buitenproportionele geboorteratio leidt de onstuitbare instroom van niet-Westerse en grotendeels islamitische immigranten al tot de “de-Europeanisatie” van Europa. Bijvoorbeeld, vrijwel overal waar zij zich hebben gevestigd in Frankrijk, zijn ze erin geslaagd de wijken “etnisch te zuiveren”. Zij stichten vervolgens geen getto’s, maar veroverde gebieden die als basis dienen voor de voorbereiding van toekomstige veroveringen. Met hun zeven tot acht miljoen inwoners zijn deze gebieden feitelijk vijandige Afrikaanse/Middenoosterse legerkampen geworden binnen een steeds meer belegerd Frankrijk. (noot #3)

Deze immigratie schept een extreem instabiele situatie, want Europa kent niet het immense politieapparaat en de uitgestrekte geografische vlakten die etnische spanningen in de VS ‘in bedwang’ weten te houden. In veel gevallen, wanneer stedelijke gebieden verloren zijn aan de Islamitische cultuur, ervaren Europeanen niet alleen toenemend geweld en onveiligheid, maar ook het verlies van hun wetten en instellingen. Er zij nu meer dan 1400 “zones de non-droit” in Frankrijk (daarbij inbegrepen elf steden) en in bijna honderd ervan heeft de jurisdictie van de Franse republiek plaatsgemaakt voor de Shari’a, de Islamitische wetgeving. (noot #4)

Binnen zulke zones, waarvan de in verval geraakte leefbaarheid door politiek correcte ambtenaren hardnekkig omschreven wordt met sociaal-economische termen in plaats van biologisch-culturele, is het voor een Fransman bijna onmogelijk normaal te verblijven in een speciaal voor de Franse arbeidersklasse gebouwde woning (HLM), een café te vinden waar nog wijn of ham wordt geserveerd of dat zijn vrouw zich in het openbaar kan kleden en gedragen zoals Europese vrouwen dat doen. In contrast met de Little Italies en de Germantowns die in de vorige eeuw in vele Amerikaanse steden ontstonden, zijn deze niet-Europese enclaves geenszins van plan te assimileren in de dar-al-Harab (de onglovige niet-Islamitische wereld, die door moslims gezien wordt als de “wereld van oorlog”) en in feite zijn begonnen hun autonomie te claimen. De afgelopen jaren ging er nauwelijks een week voorbij zonder een krantenartikel over een opstand of een bloedig incident als gevolg van conflicten tussen de politie en moslimbendes.

Sinds 1990 nam geweld op straat jaarlijks met vijf procent toe – sinds 2000 met tien procent – terwijl het geweld en de disintegratie vaak geassocieerd met Amerika’s binnensteden geleidelijk aan steeds meer een Europese werkelijkheid wordt. Sterker nog, in 2000 overtrof Franse criminaliteit voor het eerst in de geschiedenis die van de VS; en Parijs, ooit de Lichtstad, werd de minst veilige van alle grote Europese steden.

Met deze demografische en culturele bedreigingen in het vooruitzicht proberen de media, de academie en de gevestigde ‘anti-racistische’ organisaties iedere burger die zich tegen zulke veranderingen verzet het zwijgen op te leggen, terwijl ze de term “multicultuur” tot embleem van de progressieve samenleving en het wereldburgerschap hebben gemaakt. En in plaats van het Christelijke Westen te mobiliseren tegen zulke dreigingen, preekt de Linkse Kerk lafheid, opgave, vluchtgedrag en een zelfvernietigende medemenslievendheid.

Zo’n masochistische reactie heeft natuurlijk de meer militante leden van Frankrijk’s moslimgemeenschap alleen maar aangemoedigd. Zij roepen nu op tot de jihad tegen de “witte kaaskoppen”. Overheidsinstanties houden echter hardnekkig vast aan het onderscheid tussen gewelddadige fundamentalisten (waarvan wellicht circa 40.000 rondlopen in Frankrijk) en de “vredelievende” moslimgemeenschap, welke de inherente vijandigheid van de Islam jegens de seculiere maatschappij van Europa niet kan of niet wil erkennen. Faye beweert daarentegen dat het verschil tussen de orthodoxe en de fundamentalistische Islam slechts een gradueel verschil in temperament is. En zelfs dit verschil is moeilijk vol te houden na de veelvuldige fundamentalistische agressie. Jaren vóór de aanslagen van 11 september op de symbolen van Amerikaanse hegemonie vond al het derde grote offensief tegen de dar-al-Harb plaats waarbij Europa als toekomstig thuisland voor moslims werd aangewezen. (noot #5) De Amerikaanse steun in zuidoost Europa (Albanië, Bosnië, Kosovo), de druk van de VS om Islamitisch Turkije tot de EU te laten toetreden en de grote hoeveelheden ter beschikking gestelde geavanceerde wapens hebben Islamisten ertoe gebracht hun nieuwe verovering voor te bereiden.

Het is dus niet zo verassend dat Faye de groei van de Europese Islam interpreteert als het openingssalvo van een grotere strijd om de toekomst van het continent. (noot #6) Faye’s militante oppositie van de Islam is een strijd om Europa te verdedigen tegen een bedreiging van haar bestaan.

Wat de oorlog ons zal brengen
Tijdens de op komst zijnde cataclysmen – die zich waarschijnlijk zullen uiten in straatgevechten tussen rivaliserende etnische groeperingen, evenals guerrillaschermutselingen, megaterrorisme en misschien zelfs kleinschalige nucleaire uitwisselingen met “dirty bombs” naast conventionele invasies van aangrenzende Islamitische legers – gelooft Faye dat Europa hetzij ten onder zal gaan hetzij een wedergeboorte zal meemaken. Hoe dan ook, de confrontaties die in het verschiet liggen zullen een situatie creëren waarin de politiek correcte waanbeelden onmogelijk gehandhaafd kunnen worden.

Net als iedere grote strijd die de natuurlijke selectie van de mens beïnvloedt, kent oorlog privileges toe aan het elementaire en het vitale. De subtiele afleidingen die sofisten en huichelaars gebruikt hebben om Europeanen te misleiden, zullen niet anders dan verdwijnen, net als de kleinigheden die hen in het verleden verdeeld hebben. Vervolgens zullen alleen de tradities en de manier van leven die de identiteit van het volk bepalen nog terzake doen.

De situatie waarin de Westerse volkeren zich vandaag de dag bevinden is uiterst zwak, maar in dat laatste uur wanneer alles op het spel staat, zal zich, aldus Faye, de kans op een wedergeboorte voordoen.

In zijn ijdelheid voorspelt Faye dat het dominante muzikale thema van Europa noch dat van een orkestrale ode aan het genot noch van het gestamp van een stadswilde zal zijn, maar eerder dat van een militaire mars gebaseerd op oude hymnen. Europeanen aan beide zijden van de Atlantische oceaan zouden zijn advies moeten opvolgen en er goed aan doen de pas te houden met het sterke ritme.

Dit artikel is vertaald door M. Koenraadt en in haar geheel te lezen op Heemland.

Michael O’Meara is een geleerde en verblijft en doceert aan de westkust van van de Verenigde Staten. Hij is auteur van talloze artikelen en boekrecensies.

eKudos Nu Jij
Stem of voeg toe aanUitleg over het gebruik van deze icons :  Plaatsen/stemmen op NUjij Plaatsen/stemmen op eKudos Plaatsen/stemmen op MSN Reporter Voeg toe aan je Google bladwijzers Abonneer je op de RSS-feed van deze site Verstuur deze pagina per e-mail via Feedburner Plaats dit bericht op Twitter

[Post to Twitter] ! 

Post a Comment

Spam Protection by WP-SpamFree

! links powered by Tweet This v1.4.1, a WordPress plugin for Twitter.